strictly cars with character

Op bezoek bij Musée Matra: Blauw bloed

18 december 2023
In een tijdspanne van slechts vier decennia werd Matra wereldkampioen Formule 1, won het de 24 Uren van Le Mans, ontwikkelde het tal van eigenzinnige sportauto’s én was het verantwoordelijk voor de conceptie en productie van de Renault Espace. Bruno Lorgeoux neemt ons mee door de opmerkelijke geschiedenis van het Franse merk in zijn museum in Romorantin.

Af en toe wordt er nog wel eens een V12 gestart. Als die warm is en tot 11.000 toeren wordt opgejaagd, vliegen de ramen er hier bijna uit, Waanzinnig!” De ogen van museumdirecteur Bruno Lorgeoux glimmen als hij ons langs zijn bijzondere collectie voert. We zijn in Romorantin, zo’n tweehonderd kilometer onder Parijs, waar sinds 2000 het Musée l’Espace automobiles Matra is gevestigd. Voor wie komend jaar naar Frankrijk reist: het museum is voor de auto(sport)liefhebber zonder meer een omweg waard. Er zijn tal van straatauto’s en studiemodellen te vinden, daarnaast komt aan de hand van zo’n vijfentwintig raceauto’s het autosportverleden van het illustere merk tot leven. Op 3.000 vierkante meter worden pakweg zeventig modellen tentoongesteld, die het volledige verhaal van de Franse fabrikant vertellen. De burgemeester heeft zich persoonlijk hard gemaakt voor de aanschaf van het gebouw door de gemeente, zo vertelt Lorgeoux. “Matra heeft een grote rol gespeeld in de gemeenschap hier, er waren duizenden mensen werkzaam. Dat erfgoed willen we graag behouden.”

René Bonnet

Die geschiedenis begon in 1964 toen Matra, tot dan toe actief in de wapen- en luchtvaartindustrie, Automobiles René Bonnet overnam. Bonnet racete begin jaren zestig onder meer op Le Mans, Matra zette die sportieve geest voort. De RB Djet, de eerste (productie)auto met middenmotor, ging verder onder de naam Matra Jet. De productie daarvan in Romorantin (1.639 stuks) liep tot en met 1967 en parallel hieraan werd onder de noemer Matra Sports een racedivisie opgezet. De eerste monoposto, de MS1 Formule 3, gaf de voorzet voor een ongekend snelle opkomst van de nieuwbakken constructeur. Van 1965 tot en met 1970 werden liefst elf kampioenschappen in de F3 en F2 aaneengeregen, met achter het stuur onder meer Jacky Ickx, Jean-Pierre Beltoise en Henri Pescarolo.

Lees verder

Het gehele artikel kunt u teruglezen in CARROS Magazine nr. 7/2023. Nooit iets missen? Neem nu een extra voordelig jaarabonnement (8 nummers).
 

Volg @CARROS.CARSMAGAZINE voor de vetste auto content, nieuwtjes en meer