advertentie
Home > Autotests > Opel Insignia
Opel Insignia - CARROS Rij-impressie
advertentie
advertentie

OPEL INSIGNIA

17-10-08 - De Opel Vectra is binnenkort niet meer. Zijn we niet rouwig om, want de nieuwe Insignia staat al klaar om het stokje over te nemen. Gewapend met een opvallend design, breed motorengamma en een hoop luxe zet Opel de aanval in tegen de gevestigde orde. En probeert tegelijkertijd poot aan de grond te krijgen in de hoger gelegen, ‘premium’, regionen. Heeft ‘ie het in huis?
Originaliteitpunten scoor je als automerk anno 2008 niet meer door te koketteren met de ‘coupé-achtige’ lijnen van je nieuwe model. Wel, daar heeft Opel maling aan en benadrukt de aflopende raam- en daklijn met liefde. We kunnen het merk uit Rüsselsheim ook niet helemaal ongelijk geven: de Insignia (die er in het echt nog een stukje mooier uitziet dan ‘op papier’) kan, qua coupé-achtigheid, alleszins in pas lopen met de Passat CC en de Jaguar XF. Een sportieve verschijning is het zonder meer. Van voor naar achteren: de afgeronde lijnen van de chromen grille (met nieuw design Blitz) worden geflankeerd door sluwkijkende lichtunits. Staat goed bij de opbollende motorkap en de lage voorzijde, die de auto een agressieve snuit geven. Aan de onderzijde van de zijschermen is het een L-vormige ‘snede’ die domineert. Verder naar boven inderdaad die – laatste keer – coupé-achtige raampartij, die halverwege de B- en C-stijl aan een steile afdaling begint. Die lijn wordt overigens voortgezet in de lage en brede achtersteven, die eindigt in een opstaand, geïntegreerd spoilertje. Het oogt allemaal wat dynamischer en meer gestroomlijnd dan we van Opel – in de meeste gevallen – gewend zijn, maar het doet het uiterlijk van de Insignia vooral veel goed.
Binnen in is het, wat goedkoop ogend nephout daargelaten, goed toeven. De zetels, die duidelijk met het oog op comfort zijn ontworpen, bieden een goede zithouding en een geschikte rijpositie is zó gevonden, hoewel het stuur nog wel wat ruimer verstelbaar mocht zijn. Het zicht rondom is, ondanks die ene daklijn, voldoende. Wat niet gezegd kan worden van de hoofdruimte achterin.

DE INSIGNIA IS NIET VIES VAN LEKKER FEL HOEKEN

Betere bochtenwerk
Zo’n snel uiterlijk moet bij voorkeur wel een beetje de lading dekken. Daarom kiezen we, wanneer we de eerste meters met de middenklasser mogen maken, voor de voorlopige benzinetopper: de 2,8 liter V6 turbomotor met 260 pk. Inderdaad, dezelfde krachtbron waarmee de huidige Vectra OPC is gezegend. Met als voornaamste verschil dat de potente paardjes in de Insignia nu op alle vier de wielen worden losgelaten. Met dank aan een adaptieve vierwielaandrijving. Daar waar de voorwielen van eerdergenoemde OPC nogal eens geen raad wisten met het koppel, daar worden de 350 Nm (400 tijdens ‘overboost’) zonder moeite of noemenswaardige wielspin aan het wegdek overgebracht. Maar 4x4 staat natuurlijk ook voor het betere bochtenwerk. En daar is ‘onze’ Insignia geen uitzondering op. Middels ‘FlexRide’ kan de onderstelkarakteristiek naar wens worden aangepast. In Tour-modus focust de ophanging zich op comfort, terwijl de teugels worden aangetrokken wanneer je de ‘Sport’- knop op het dashboard induwt. Net als in veel andere, vaak duurdere modellen. In laatstgenoemde stand, dus met stijvere demping, fellere gasrespons en een minder bekrachtigde stuurinrichting, komt de door ons gereden zescilinder het best tot zijn recht.
De Insignia is niet vies van lekker fel hoeken. Een elektronisch slipdifferentieel stuurt het koppel heel gedecideerd naar de meest behoevende wielen. Het resultaat is een auto die moeilijk uit zijn pas te brengen is. Hoewel de rijkarakteristiek met het adaptieve onderstel in de sportstand inderdaad wat ‘harder’ is, wil de koets in snelgenomen bochten nog wel wat deinen. Verder geen reden tot klagen. Overigens is vierwielaandrijving vooralsnog enkel leverbaar op de 2,8 liter V6 (standaard) en de 2,0 liter turbo (optie).
Geen roffel
Die laatste krachtbron doet, met zijn 220 pk sterke krachtbron, trouwens nauwelijks onder voor de topmotor. Beide kenmerken zich door fel thuisgeven vanaf ongeveer 2.000 tpm en, ondanks een doorgaans soepelere twin-scroll-turbo, een kort ‘opwarmmomentje’ in de laagste toeren. Het spreekt voor zich dat de V6 nét even wat grotere passen neemt dan de geblazen viercilinder, maar het rijplezier is bij beide even groot. Al was het alleen maar doordat de lekkere zescilinderroffel te veel wordt getemperd. Voor écht brullen is het wachten op een OPC-versie, die eveneens in het verschiet zit.
Over de toekomst gesproken: de Insignia zal in december in zeven leverbare varianten in de showroom staan. Drie diesels (alle 2,0 liter turbo) met vermogens van 110 tot 160 pk en vier benzineversies, van 115 tot 260 pk. Daar voegen zich in februari van volgend jaar nog twee krachtbronnen bij: een 1,6 liter turbomotor met 180 pk en een 2,0 liter biturbo dieselmotor met 190 pk. De Sports Tourer (stationwagon) maakt in april zijn opwachting.
Opels belangrijkste troef is de prijs: vanaf 26.920 euro staat er een 1,6 liter voor je klaar. Niet echt ‘premium’, maar luxe opties als Lane Departure Warning en Traffic Sign Recognition, evenals een strak uiterlijk maken veel goed.
Opel Insignia - CARROS Rij-impressie
Opel Insignia - CARROS Rij-impressie
Gevonden keywords
Toevoegen aan account:
Toevoegen aan: Del.icio.us Toevoegen aan: StumbleUpon Toevoegen aan: Yahoo Toevoegen aan: Google Toevoegen aan: Facebook Toevoegen aan: Twitter
Dit is een bericht van carros.nl
Geschreven door: Rick Akkermans
::
Copyright © 1996 - 2009 CARROS Magazine. Alle Rechten voorbehouden. Disclaimer