BMW 1-serie M Coupé: Handwerk!
04 september 2011 16:31
Opeens geeft BMW ons weer een echte auto: de 1-Serie ‘M’ Coupé. Opdat we niet vergeten hoe gaaf auto’s kunnen zijn…
Hij doet hier in het Schotse Inverness, waar de Europese persintroductie van deze al zo lang verwachte en besproken 1-serie ‘M’ Coupé plaatsvindt, met die klassiek rondgeklopte wielkastranden warempel aan één of andere 2002-racetoerwagen denken. Die hadden dat namelijk ook! De 1 M ziet er kort en gedrongen uit, maar tegelijk massief door die hoge heuplijn bij juist diep doorbuigende dorpellijn. De auto staat op enorme 19-inchers met vette ultra-lagesectiebanden, en bovenop het geheel bevindt zich een soort koepeldakje met schijnbaar raceachtig ingeplakte achterste zijruitjes. Eigenlijk ook weer à la die 2002’s. De voorzijde is onder de bumper ook nog voorzien van een hongerig openhangend inlaatluik voor water- en oliekoeling, aan weerszijden waarvan zich kleinere luchthappers bevinden voor remkoeling. Ook zijn daar, net als bij de achterschermen, minimale verticale sleuven te zien die luchtdrukverschillen tussen wielkasten en zijwind elimineren voor optimale aerodynamica. De korte achterzijde van de M toont overigens ook een in de achterklep geïntegreerde spoiler en vier dikke uitlaatpijpen.
Al met al dus een serieus sportief ogende kar, zelfs nog imposanter dan een M3, die onmiddellijke hebzucht en rijlust oproept.
Naakte simpelheid
Er staat ons hier in Schotland een testroute door de Schotse Hooglanden te wachten, waar wij de 1 M Coupé op zijn merites dienen te beoordelen. Altijd link: het ‘testen’ van een überschnelle auto op de openbare weg. In dit geval: 340 paardenkrachten uit een dubbelturbo zescilinder loslaten op eeuwenoude bergweggetjes. Dat lukt niet, maar vooruit. De zit in de 1 M is alvast verbluffend goed, want missiegetrouw. Lekker vast in harde lederen semikuipen, in een kleine ruimte, de flanken van de auto relatief ook dicht bij je, maar ook hoog genoeg voor het juiste cockpitgevoel. Voor referentie heb je toch precies het goede uitzicht rondom. De auto is voorts aangenaam leeg qua knopjes, zodat de pontificaal tussen de voorstoelen geplaatste versnellingspook van de manuele zesbak in al zijn naakte simpelheid aantrekkelijk staat te zijn. Voor uw informatie: een andere transmissie is niet verkrijgbaar. BMW zegt zelf: wat meer heeft een mens – autoliefhebber – nodig voor lekker autorijden?
Nog wat: onze testauto is een Brits exemplaar. Dus die pook gaan we rechtszittend met de linkerhand bedienen. De drieliter Reihe-sechs raspt na een startknopstart kort en hitsig op het gas op en neer, en met het altijd weer heerlijke samenspel tussen gas- en koppelingsvoet rollen we weg. De Highlands tegemoet.
Volgasfase
Er is bij de ontwikkeling van deze 1 M, waarover de geruchten al maanden en eigenlijk al veel langer circuleerden, uitgegaan van een 1-Serie Coupé; om precies te zijn een 135i. Inderdaad: het model dat binnenkort wordt afgelost. Van die auto werd het chassis versterkt voor optimale torsiestijfheid, terwijl de vier onafhankelijke ophangingen nu uit voornamelijk lichtmetalen componenten zijn opgebouwd. De spoorbreedten bedragen overigens 1.541 millimeter – ter vergelijking de 135i: voorzijde 1.481 mm, achter 1.501 mm – en er is met succes gestreefd naar een 50:50-gewichtsverdeling tussen voor- en achterzijde. Natuurlijk vanwege een zo neutraal mogelijk ‘rijdynamisch uitgangspunt’ onder excessieve omstandigheden.
Licht is de 1 M met 1.570 kilogrammen niet. Met volle tank en berijder ben je dus zomaar met zeventienhonderd kilo’s onderweg. Of nog meer. Uiteraard bezit de auto een Dynamic Stability System, maar het is er wel eentje met een speciale ‘M’-programmering met lagere drempelwaarden en een ‘M Dynamic Mode’, waarmee gecontroleerd gedrift zou kunnen worden. Of belangrijker nog: serieuze rondetijden neerzetten. Vanzelfsprekend kreeg de 1 M Coupé dus ook een sperdifferentieel. Evengoed een M-Sport exemplaar, en desnoods tot 100% sperrend.
Het belangrijkste nu. In het vooronder staat de 24-kleps drieliter zes-in-lijn met twee bovenliggende nokkenassen en twee turbocompressors uit de Z4 35 iS. Het vermogen bedraagt 340 paarden bij een hoogste koppel van 450 Newtonmeters, dat bij een volgasfase dankzij een overboost-functie zelfs tot 500 Nm oploopt. Fijngeslepen werd de 1 M Coupé door middel van een uitputtend testprogramma op de – daar is hij weer – Nordschleife van de Nürburgring.
Net echt
We zijn goed onderweg. Na de eerste mijlen inventariseren hebben we kunnen invoelen met wat voor auto we te maken hebben. Een formidabel soort sportsaloon, waarvan de beweeglijkheid en onvoorwaardelijke trouw aan alles wat je van hem vraagt tot een hartstochtelijk soort ‘mooirijden’ leidt. Vooral de dubbelturbo zescilinder is een droom, de ontketende krachten klinken als een concert, jij met je versnellingspook als dirigent in deze snelheidssymfonie. Shortshiftend vermorzelend hard accelereren, dan wel juist ver doorhalen en in ultradimensies van snelheid terechtkomen. De compactheid van de auto is oorzaak van het precies voelen en begrijpen wat hij ‘doormaakt’. Niets is uit- of weggedempt. Opperste ‘transparantie’. Een juist dankzij BMW’s actieve stuurinrichting vlijmscherpe en ‘effectloze’ besturing en ragfijne reacties van het onderstel. Zelfs met de stabiliteitscontrole aan bereikten we ondanks opzettelijk zeer hoge snelheden in het duizelingwekkende bochtenwerk geen knipperend DSC; teken van de grote neutraliteit en grip. Met het DSC in M Dynamic Modus kregen we de 1 M wel degelijk, hoewel zelfs dan laat optredend, tot sidekicking. Dat echter door de elektronica schitterend – want onvoelbaar – werd beteugeld. Net echt. Er is de 1 M Coupé niets aan te doen wat hij niet aankan. En zeker niet hier.
De BMW 1-Serie M Coupé is een van de meest begerenswaardige auto’s van het moment, overtreft qua rijplezier en werkelijke sportiviteit eerlijk gezegd zelfs de M3, en is daarbij 32 mille goedkoper. Geen wonder dat de eerste serie al is uitverkocht.
Tekst: David Bakels
Al met al dus een serieus sportief ogende kar, zelfs nog imposanter dan een M3, die onmiddellijke hebzucht en rijlust oproept.
Naakte simpelheid
Er staat ons hier in Schotland een testroute door de Schotse Hooglanden te wachten, waar wij de 1 M Coupé op zijn merites dienen te beoordelen. Altijd link: het ‘testen’ van een überschnelle auto op de openbare weg. In dit geval: 340 paardenkrachten uit een dubbelturbo zescilinder loslaten op eeuwenoude bergweggetjes. Dat lukt niet, maar vooruit. De zit in de 1 M is alvast verbluffend goed, want missiegetrouw. Lekker vast in harde lederen semikuipen, in een kleine ruimte, de flanken van de auto relatief ook dicht bij je, maar ook hoog genoeg voor het juiste cockpitgevoel. Voor referentie heb je toch precies het goede uitzicht rondom. De auto is voorts aangenaam leeg qua knopjes, zodat de pontificaal tussen de voorstoelen geplaatste versnellingspook van de manuele zesbak in al zijn naakte simpelheid aantrekkelijk staat te zijn. Voor uw informatie: een andere transmissie is niet verkrijgbaar. BMW zegt zelf: wat meer heeft een mens – autoliefhebber – nodig voor lekker autorijden?
Nog wat: onze testauto is een Brits exemplaar. Dus die pook gaan we rechtszittend met de linkerhand bedienen. De drieliter Reihe-sechs raspt na een startknopstart kort en hitsig op het gas op en neer, en met het altijd weer heerlijke samenspel tussen gas- en koppelingsvoet rollen we weg. De Highlands tegemoet.
Volgasfase
Er is bij de ontwikkeling van deze 1 M, waarover de geruchten al maanden en eigenlijk al veel langer circuleerden, uitgegaan van een 1-Serie Coupé; om precies te zijn een 135i. Inderdaad: het model dat binnenkort wordt afgelost. Van die auto werd het chassis versterkt voor optimale torsiestijfheid, terwijl de vier onafhankelijke ophangingen nu uit voornamelijk lichtmetalen componenten zijn opgebouwd. De spoorbreedten bedragen overigens 1.541 millimeter – ter vergelijking de 135i: voorzijde 1.481 mm, achter 1.501 mm – en er is met succes gestreefd naar een 50:50-gewichtsverdeling tussen voor- en achterzijde. Natuurlijk vanwege een zo neutraal mogelijk ‘rijdynamisch uitgangspunt’ onder excessieve omstandigheden.
Licht is de 1 M met 1.570 kilogrammen niet. Met volle tank en berijder ben je dus zomaar met zeventienhonderd kilo’s onderweg. Of nog meer. Uiteraard bezit de auto een Dynamic Stability System, maar het is er wel eentje met een speciale ‘M’-programmering met lagere drempelwaarden en een ‘M Dynamic Mode’, waarmee gecontroleerd gedrift zou kunnen worden. Of belangrijker nog: serieuze rondetijden neerzetten. Vanzelfsprekend kreeg de 1 M Coupé dus ook een sperdifferentieel. Evengoed een M-Sport exemplaar, en desnoods tot 100% sperrend.
Het belangrijkste nu. In het vooronder staat de 24-kleps drieliter zes-in-lijn met twee bovenliggende nokkenassen en twee turbocompressors uit de Z4 35 iS. Het vermogen bedraagt 340 paarden bij een hoogste koppel van 450 Newtonmeters, dat bij een volgasfase dankzij een overboost-functie zelfs tot 500 Nm oploopt. Fijngeslepen werd de 1 M Coupé door middel van een uitputtend testprogramma op de – daar is hij weer – Nordschleife van de Nürburgring.
Net echt
We zijn goed onderweg. Na de eerste mijlen inventariseren hebben we kunnen invoelen met wat voor auto we te maken hebben. Een formidabel soort sportsaloon, waarvan de beweeglijkheid en onvoorwaardelijke trouw aan alles wat je van hem vraagt tot een hartstochtelijk soort ‘mooirijden’ leidt. Vooral de dubbelturbo zescilinder is een droom, de ontketende krachten klinken als een concert, jij met je versnellingspook als dirigent in deze snelheidssymfonie. Shortshiftend vermorzelend hard accelereren, dan wel juist ver doorhalen en in ultradimensies van snelheid terechtkomen. De compactheid van de auto is oorzaak van het precies voelen en begrijpen wat hij ‘doormaakt’. Niets is uit- of weggedempt. Opperste ‘transparantie’. Een juist dankzij BMW’s actieve stuurinrichting vlijmscherpe en ‘effectloze’ besturing en ragfijne reacties van het onderstel. Zelfs met de stabiliteitscontrole aan bereikten we ondanks opzettelijk zeer hoge snelheden in het duizelingwekkende bochtenwerk geen knipperend DSC; teken van de grote neutraliteit en grip. Met het DSC in M Dynamic Modus kregen we de 1 M wel degelijk, hoewel zelfs dan laat optredend, tot sidekicking. Dat echter door de elektronica schitterend – want onvoelbaar – werd beteugeld. Net echt. Er is de 1 M Coupé niets aan te doen wat hij niet aankan. En zeker niet hier.
De BMW 1-Serie M Coupé is een van de meest begerenswaardige auto’s van het moment, overtreft qua rijplezier en werkelijke sportiviteit eerlijk gezegd zelfs de M3, en is daarbij 32 mille goedkoper. Geen wonder dat de eerste serie al is uitverkocht.
Tekst: David Bakels
| BMW 1-Serie M Coupé | |
|---|---|
| Motor | 3,0 liter zescilinder lijnmotor, twee turbo’s |
| Vermogen | 340 pk/250 kW bij 5.900 tpm, |
| Koppel | 450 Nm vanaf 1.500 tpm |
| Transmissie | Handgeschakelde zesbak, achterwielaandrijving met sperdifferentieel |
| Gewicht in kg | 1.570 |
| 0-100 in sec | 4,9 |
| Top in km/h | 250 (begrensd) |
| Prijs in euro | Vanaf 79.950 |
Beoordeling: 10
(3 beoordelingen)
Laatste autonieuws
25-05-12
BMW Z4 Coupe volgens Zagato
25-05-12
TROS Autoshow week 21
25-05-12
Alpine A110-50 is definitief
25-05-12
Art Cars in Kröller-Müller Museum
25-05-12
Vernieuwde BMW 7-serie is los
24-05-12
BMW opent nieuwe fabriek in China
24-05-12
Peugeot 301 laat zich zien
24-05-12
BMW 4-serie Gran Coupe in pijplijn
23-05-12
Youngman wil Saab niet meer
Meest gelezen
30-03-12
900 Saabs wachten op hun lot
09-04-12
SUV crash op de ‘Ring’
16-04-12
Porsche 911 Cabriolet: hardtop exit
03-04-12
Nieuwe Range Rover onderweg
10-05-12
Porsche Macan gesnapt
02-05-12
Dacia Lodgy vanaf 14.990 euro
05-04-12
Ferdinand Porsche (76) overleden









Reacties op 'BMW 1-serie M Coupé: Handwerk!'
Er zijn nog geen reacties geplaatst